“Ik wil natuurlijk absoluut niet opdringerig zijn”, fluistert een random man in het oor van Jelena, “maar ik kon het gewoon niet laten om je aan te spreken.”
Jelena zit met haar vriendin in een café. Naast haar zitten twee mannen, waarvan een de hele tijd haar kant op kijkt. Als haar vriendin even naar de wc is, schuift de man haar kant op. “Ik wil natuurlijk absoluut niet opdringerig zijn”, fluistert hij haar in het oor, “maar ik kon het gewoon niet laten om je aan te spreken.” Jelena schuift een stukje opzij, waarna de man zich voorover buigt. “Ik vroeg me af of je iets wil drinken? Omdat het zo warm is buiten.” Hij glimlacht bezweet, zijn klamme lippen zitten nu bijna tegen Jelena’s oorlel aan.
“Het klinkt misschien wat pushy maar dat is echt honderd procent niet mijn bedoeling.” De man gaat nog wat dichter naast Jelena zitten. “Ik haat het als mensen zich aan anderen opdringen.” Hij kijkt het café rond. “Trouwens, als er gasten zijn waar je last van hebt, dan moet je het gewoon zeggen hè? Dan zeg ik dat ze je gewoon met rust moeten laten. Hallo, het is 2023. Dat kan echt niet meer.”