Vorig jaar was het bijna raak, dit jaar sloeg het noodlot echt toe: Tokio is keihard getroffen door Olympische Spelen. Analisten en burgers spreken van een ramp. “We hadden niet meer verwacht dat het zou gebeuren, maar nu het er is, is het nog erger dan verwacht”, zegt expert Remco. “De stad blijft achter met enorm veel besmettingen, gigantische schulden en wegrottende infrastructuur.”
Gewone burgers houden de moed erin, maar maken zich tegelijkertijd niet te veel illusies. “We hebben gelezen dat andere plaatsen die door Olympische Spelen zijn geraakt er soms na decennia nog niet bovenop zijn”, zegt vrachtwagenchauffeur Haruto Watanabe. “In Brazilië zijn ze nog steeds bezig de schulden af te betalen, en Montreal, waar de Spelen in 1976 toesloegen, heeft er zelfs 30 jaar over gedaan om een beetje te herstellen.”
Op dit moment grijpen Olympische Spelen in Tokio nog woest om zich heen en is het einde niet in zicht. De zorg is al operaties aan het uitstellen omdat het aantal ziekenhuisopnames met coronapatiënten te hoog is. De schulden lopen op door het uitstellen van het evenement, het gebrek aan publiek en hoge kosten voor de infrastructuur. Het IOC zegt zelf dat het geld dat zij verdienen aan de verkoop van de uitzendrechten helaas niet ten goede kan komen van het getroffen gebied.
VN-gezant voor getroffen gebieden Michelle Smith deelt de zorgen over Tokio. “In de toekomst zal Tokio meer moeten inzetten op preventie, bijvoorbeeld door niet mee te doen aan de kandidaatstelling voor de speelsteden. Voor sommige steden is het echter te laat, het is niet voorkomen dat steden als Parijs en Los Angeles hetzelfde lot is beschoren.”